10.6 Toelichting op de geconsolideerde winst-en-verliesrekening
(in 1.000 euro’s na resultaatbestemming)
10.6.1 Huuropbrengsten
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Nettohuur | 508.365 | 473.964 | |||
| Huurderving wegens leegstand en oninbaarheid | -8.565 | -7.404 | |||
| 499.800 | 466.560 | ||||
| Huurderving in % van de nettohuur | 1,7% | 1,6% | |||
| Huurachterstand in % van de nettohuur | 0,8% | 0,8% |
Alle huuropbrengsten zijn gerealiseerd in Nederland. De netto huur voor gereguleerde zelfstandige huurwoningen is per 1 juli 2025 met 4,5 % verhoogd (1 juli 2024: 5,3%) voor zover de huurprijs hoger was dan € 350 per maand. Bij een huurprijs lager dan € 350 per maand is de verhoging een maximaal bedrag van € 25 per maand.
De huursombenadering is van toepassing op de corporaties. Dit betekent dat gemiddeld huurontwikkeling op corporatieniveau is gemaximeerd. De gemiddelde huursom voor zelfstandige woningen met een gereguleerd huurcontract die zowel op 1 januari 2025 als op 1 januari 2026 zijn verhuurd mogen op grond van deze regelgeving niet meer dan 4,5% (2024: 5,3%) stijgen. De gerealiseerde huursomstijging bedraagt 4,5% (2024: 5,2%).
10.6.2 Opbrengsten servicecontracten
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Opbrengsten servicecontracten | 21.901 | 22.288 | |||
| Derving wegens leegstand en oninbaarheid | -730 | -717 | |||
| 21.171 | 21.571 |
10.6.3 Lasten verhuur- en beheeractiviteiten
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Toegerekende organisatiekosten | 27.079 | 27.619 | |||
| 27.079 | 27.619 |
10.6.4 Lasten onderhoudsactiviteiten
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Planmatig onderhoud | 52.247 | 34.661 | |||
| Contractonderhoud | 17.645 | 17.157 | |||
| Bijdragen onderhoud verenigingen van eigenaren | 27.714 | 24.093 | |||
| totaal planmatig onderhoud | 97.606 | 75.911 | |||
| Mutatie-onderhoud | 35.409 | 39.389 | |||
| Reparatie- / klachtenonderhoud | 27.461 | 28.002 | |||
| totaal niet-planmatig onderhoud | 62.870 | 67.391 | |||
| Toegerekende organisatiekosten | 33.205 | 30.022 | |||
| 193.681 | 173.324 |
10.6.5 Overige directe operationele lasten exploitatie bezit
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Verhuurderbijdrage | 327 | 433 | |||
| Heffing Autoriteit Woningcorporaties | 443 | 387 | |||
| Zakelijke lasten (ozb, waterschapsbelasting, rioolheffing etc) | 31.614 | 27.725 | |||
| Verzekeringen | 3.289 | 3.053 | |||
| Erfpacht | 974 | 916 | |||
| Toegerekende organisatiekosten | 649 | 803 | |||
| 37.296 | 33.317 |
10.6.6 Netto resultaat verkocht vastgoed in ontwikkeling
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Omzet verkocht vastgoed in ontwikkeling | 62.494 | 25.997 | |||
| Lasten verkocht vastgoed in ontwikkeling | -61.035 | -22.381 | |||
| Nettoverkoopopbrengst | 1.459 | 3.616 | |||
| Dekking geactiveerde productie | 809 | 1.206 | |||
| Toegerekende organisatiekosten | -725 | -753 | |||
| Saldo dekking minus toegerekende organisatiekosten | 84 | 453 | |||
| 1.543 | 4.069 |
10.6.7 Netto gerealiseerd resultaat verkoop vastgoedportefeuille
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Verkoopopbrengst vastgoedportefeuille | 185.386 | 146.626 | |||
| Externe verkoopkosten | -5.094 | -3.500 | |||
| Boekwaarde verkochte vastgoedportefeuille | -108.712 | -82.763 | |||
| Nettoverkoopopbrengst | 71.580 | 60.363 | |||
| Toegerekende organisatiekosten | -2.777 | -2.332 | |||
| 68.803 | 58.031 |
10.6.8 Overige waardeveranderingen vastgoedportefeuille
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Waardeveranderingen onrendabele investeringen en herstructeringen: | |||||
| DAEB vastgoed in exploitatie | -83.622 | -54.242 | |||
| Niet-DAEB vastgoed in exploitatie | -19.301 | -144 | |||
| Vastgoed in ontwikkeling bestemd voor eigen exploitatie | -70.462 | -106.012 | |||
| -173.385 | -160.398 | ||||
| Waardeveranderingen grond- en ontwikkellocaties | 1.207 | 688 | |||
| Uitplaatsingskosten, project- en acquisitiekosten | -2.859 | -2.667 | |||
| -1.652 | -1.979 | ||||
| Dekking geactiveerde productie | 20.344 | 18.981 | |||
| Toegerekende organisatiekosten | -31.486 | -30.470 | |||
| Saldo dekking minus toegerekende organisatiekosten | -11.142 | -11.489 | |||
| -186.179 | -173.866 |
10.6.9 Niet-gerealiseerde waardeveranderingen vastgoedportefeuille
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| DAEB vastgoed in exploitatie | 351.410 | 1.080.983 | |||
| Niet-DAEB vastgoed in exploitatie | 1.805 | 237.889 | |||
| 353.215 | 1.318.872 |
10.6.10 Niet-gerealiseerde waardeveranderingen vastgoedportefeuille verkocht onder voorwaarden
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Waardeverandering onroerende zaken verkocht onder voorwaarden | 8.381 | 44.694 | |||
| Waardeveranderingen verplichting uit hoofde van onroerende zaken verkocht onder voorwaarden | -8.310 | -35.385 | |||
| 71 | 9.309 |
10.6.11 Overige organisatiekosten
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Obligoheffing | 765 | 788 | |||
| Toegerekende organisatiekosten | 8.870 | 8.396 | |||
| 9.635 | 9.184 |
10.6.12 Kosten omtrent leefbaarheid
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Leefbaarheidsuitgaven | 2.689 | 2.439 | |||
| Toegerekende organisatiekosten | 18.940 | 19.378 | |||
| 21.629 | 21.817 |
10.6.13 Toegerekende organisatiekosten
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Afschrijvingen | 8.562 | 9.412 | |||
| Bijzondere waardevermindeirng immateriële vaste activa | 0 | 635 | |||
| Personeelskosten | 80.213 | 77.298 | |||
| Overige bedrijfskosten | 39.609 | 36.758 | |||
| 128.384 | 124.103 |
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Lasten verhuur- en beheeractiviteiten | 27.079 | 27.619 | |||
| Lasten onderhoudsactiviteiten | 33.205 | 30.022 | |||
| Overige directe operationele lasten exploitatie bezit | 649 | 803 | |||
| Toegerekende organisatiekosten verkoop nieuwbouw | 725 | 753 | |||
| Toegerekende organisatiekosten verkoop vastgoed in exploitatie | 2.777 | 2.332 | |||
| Overige waardeveranderingen vastgoedportefeuille (investeringsactiviteiten) | 31.486 | 30.470 | |||
| Kosten overige activiteiten | 4.653 | 4.330 | |||
| Overige organisatiekosten | 8.870 | 8.396 | |||
| Leefbaarheid | 18.940 | 19.378 | |||
| 128.384 | 124.103 |
De toegerekende organisatiekosten zijn gebaseerd op een interne schatting van de urenbesteding naar activiteiten waarbij in hoofdlijnen onderscheid wordt gemaakt naar exploitatie, verkoop, projectontwikkeling en leefbaarheid. De volgende methoden zijn gehanteerd voor de toerekening:
- De directe kosten/opbrengsten worden rechtstreeks toegewezen aan gerelateerde activiteiten;
- De indirecte kosten worden niet rechtstreeks, maar via voor gedefinieerde verdeelsleutels (zoals bijvoorbeeld FTE's en gewogen personeelslasten) toegerekend c.q. verbijzonderd aan activiteiten.
Op de organisatiekosten zijn voor verdeling de opbrengsten van derden in mindering gebracht. De organisatiekosten die worden doorberekend hebben onder andere betrekking op lonen en salarissen, afschrijvingen en overige bedrijfskosten.
De indirecte personeelskosten worden toegerekend op basis van inschatting van de werkzaamheden per functie. De overige indirecte kosten worden verdeeld op basis van verhouding van fte’s.
10.6.14 Personeelskosten
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Lonen en salarissen | 50.868 | 46.414 | |||
| Inhuurkosten | 10.482 | 14.589 | |||
| Mutatie jubileavoorziening | 142 | 69 | |||
| Sociale lasten | 8.268 | 7.418 | |||
| Pensioenlasten | 6.421 | 5.452 | |||
| Overige personeelskosten | 4.951 | 4.560 | |||
| 81.132 | 78.502 | ||||
| Af: geactiveerde uren | -661 | -974 | |||
| Af: doorbelasting personele kosten | -258 | -230 | |||
| 80.213 | 77.298 |
Personeelsbestand
Het gemiddelde aantal werknemers in fulltime equivalenten gedurende 2025 bedraagt 722,9 (2024: 674,8). De onderverdeling naar functionele gebieden is volgt:
| 2025 | 2024 | |
|---|---|---|
| Wonen, zakelijke verhuur en verkoop | 263,3 | 244,0 |
| Vastgoedonderhoud | 142,4 | 132,7 |
| Directie, staf en ondersteuning | 81,6 | 79,0 |
| Projectontwikkeling | 68,5 | 65,6 |
| Finance en SSC | 118,1 | 105,4 |
| Overige | 49,0 | 48,1 |
| 722,9 | 674,8 |
Pensioenlasten
De medewerkers hebben een pensioenregeling die is ondergebracht bij SPW. De pensioenregeling wordt volgens de Pensioenwet gekarakteriseerd als uitkeringsovereenkomst. De belangrijkste kenmerken van de pensioenregeling zijn:
- Er is sprake van een ouderdoms- en nabestaandenpensioen.
- Er is sprake van een middelloonregeling.
- De pensioen(richt)leeftijd is 68 jaar.
- De regeling kent zowel een partner- als een wezenpensioen, waarbij het partner- en het wezenpensioen zijn verzekerd door middel van een opbouwregeling (uitkeringsovereenkomst). Voor het ouderdomspensioen, partnerpensioen en wezenpensioen stelt het bestuur van het pensioenfonds jaarlijks een premie vast. Deze is momenteel vastgesteld op 25% van de pensioengrondslag gecorrigeerd met de deeltijdfactor.
- Als de middelen van het pensioenfonds het toelaten, zal het bestuur van het pensioenfonds de ingegane pensioenen en de premievrije aanspraken van gewezen deelnemers aanpassen overeenkomstig de consumentenprijsindex voor alle huishoudens. Voor actieve deelnemers geldt dat het bestuur streeft naar verhoging met de loonontwikkeling van de branche Woningcorporaties. De toeslagverlening is voorwaardelijk. Er is geen recht op toeslagverlening en het is voor de langere termijn niet zeker of en in hoeverre toeslagverlening zal plaatsvinden. Het bestuur van het pensioenfonds beslist jaarlijks in hoeverre pensioenuitkeringen en pensioenaanspraken worden aangepast.
Het pensioenfonds heeft de uitvoering uitbesteed aan APG. De uitvoeringsovereenkomst is in 2016 voor onbepaalde tijd verlengd. De belangrijkste kenmerken van deze uitvoeringsovereenkomst zijn:
- Deelneming in het bedrijfstakpensioenfonds is verplicht gesteld voor de werknemers en bestuurders van de toegelaten instelling en haar groepsmaatschappijen.
- De toegelaten instelling en haar groepsmaatschappijen zijn uitsluitend verplicht tot betaling van de vastgestelde premies. In geen geval bestaat een verplichting tot bijstorting.
- Er is geen sprake van recht op teruggave/premiekorting.
Het SPW is per 1 januari 2026 overgegaan naar een nieuwe pensioenregeling. Het SPW heeft een transitie-, implementatie- en communicatieplan opgesteld. Het implementatieplan is op 1 november 2024 ingediend bij De Nederlandsche Bank. De Nederlandsche Bank (DNB) gaf begin oktober 2025 toestemming. Het implementatieplan beschrijft hoe SPW per 1 januari 2026 alle pensioenaanspraken omzet naar persoonlijk pensioenvermogen. Het legt vast hoe het fondsvermogen en de compensatie voor het vervallen van de doorsneepremie worden verdeeld. Deelnemers met nadeel ontvangen compensatie, die bij invaren aan hun persoonlijke pensioenvermogen wordt toegevoegd. De compensatie wordt naar verwachting volledig uit het bestaande fondsvermogen betaald, waardoor geen extra werkgeverspremies worden verwacht. Als de buffer onvoldoende blijkt, moeten sociale partners opnieuw overleg voeren.
10.6.15 Afschrijvingen op immateriële en materiële vaste activa
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Immateriële vaste activa | 7.070 | 7.916 | |||
| (On-)roerendende zaken ten dienste van de exploitatie | 1.492 | 1.496 | |||
| 8.562 | 9.412 |
10.6.16 Overige rentebaten en soortgelijke opbrengsten
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Geactiveerde rente voorraden | 1.287 | 1.235 | |||
| Rentebaten uit vorderingen | 2.823 | 3.603 | |||
| 4.110 | 4.838 |
10.6.17 Rentelasten en soortgelijke kosten
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Rente op schulden aan overheid en banken | -70.106 | -59.826 | |||
| Rente op schulden aan maatschappijen waarin wordt deelgenomen | -1.243 | -1.184 | |||
| Amortisatie | 688 | 685 | |||
| Overige rentelasten | -760 | -2.477 | |||
| -71.421 | -62.802 |
10.6.18 Belastingen
De belangrijkste componenten van de belastinglast zijn:
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Acute belastingen | |||||
| Belastingen verslagjaar | -26.602 | -30.075 | |||
| Correcties voorgaande jaren: | 1.219 | -959 | |||
| -25.383 | -31.034 | ||||
| Mutaties in tijdelijke verschillen: | |||||
| - Mutaties latentie leningen en derivaten | 288 | -437 | |||
| - Mutaties latentie afschrijvingspotentieel | -727 | 62 | |||
| - Mutaties latentie novaties | 160 | -1.610 | |||
| - Mutaties latentie voorziening groot onderhoud | -103 | 573 | |||
| - Mutaties latentie immateriële vaste activa | 877 | 762 | |||
| - Mutaties latentie (on-)roerende zaken ten dienste van de exploitatie | 49 | -149 | |||
| 544 | -799 | ||||
| Belastinglast | -24.839 | -31.833 |
Het gewogen gemiddelde toepasselijke belastingtarief bedraagt 25,8% (2024: 25,8%). De belastinglast in de winst-en-verliesrekening over 2025 bedraagt € 24,8 miljoen. De belastingdruk over 2025 is 6,5% positief van het (commerciële) resultaat vóór belastingen (2024: 2,3% positief).
Toepassing van het belastingtarief van 25,8% op het (commerciële) resultaat vóór belastingen over 2025 (een winst van € 384,3 miljoen) zou zonder toepassing van fiscale regelgeving resulteren in een belastinglast van € 99,1 miljoen. Dit is de toepasselijke belastingdruk.
| 2025 EUR |
2025 Belastinglast EUR |
2025 Effectieve belastingdruk in % |
|
|---|---|---|---|
| Resultaat voor belasting volgens geconsolideerde winst-en-verliesrekening | 384.302 | -99.150 | 25,8% |
| (Tijdelijke) waarderingsverschillen: | |||
| - Overige waardeveranderingen vastgoedportefeuille | 172.175 | -44.421 | 11,6% |
| - Niet-gerealiseerde waardeveranderingen vastgoedportefeuille | -353.215 | 91.130 | -23,7% |
| - Niet-gerealiseerde waardeveranderingen vastgoedportefeuille verkocht onder voorwaarden | -71 | 18 | 0,0% |
| - Fiscale opwaardering grondposities | 1.207 | -311 | 0,1% |
| - Afschrijvingen | -1.066 | 275 | -0,1% |
| - Verkoop onroerende zaken | -80.354 | 20.731 | -5,4% |
| - Hogere onderhoudslasten | -49.098 | 12.667 | -3,3% |
| - Financiële baten en lasten | -149 | 38 | 0,0% |
| - Renteaftrekbeperking | 28.911 | -7.458 | 1,9% |
| -281.660 | 72.669 | -18,9% | |
| Saldo fiscale winstberekening | 102.642 | -26.481 | 6,9% |
| Overige correcties: | |||
| Bij: fiscaal resultaat deelnemingen en participaties | 358 | -92 | 0,0% |
| Af: investeringsaftrek | -29 | 7 | 0,0% |
| Bij: niet-aftrekbaar deel gemengde kosten | 195 | -50 | 0,0% |
| 524 | -135 | 0,0% | |
| Belastbaar bedrag | 103.166 | -26.616 | 6,9% |
| Af: tariefopstap | -200 | 14 | 0,0% |
| Af: correcties voorgaande jaren | 4.876 | 1.219 | -0,3% |
| Acute belastingen | 107.842 | -25.383 | 6,6% |
| Mutatie latente belastingen | 544 | -0,1% | |
| Belastinglast | -24.839 | 6,5% |
Wet Minimumbelasting 2024 (Pijler 2-winstbelastingen)
Met de introductie van de Wet Minimumbelasting 2024 is per 31 december 2023 een extra belastingwet ingevoerd. Deze wet is ingevoerd naar aanleiding van een actieplan van de OESO om belastingontwijking tegen te gaan. De Europese Unie heeft de lidstaten vervolgens opgedragen om wetgeving hieromtrent op te nemen in de nationale belastingwetgeving. Het doel van de wetgeving is om te waarborgen dat belastingplichtigen effectief tenminste 15% winstbelasting betalen over hun wereldwinst.
Alle concerns met een omzet van tenminste € 750 miljoen op basis van de geconsolideerde jaarrekening, in ten minste 2 van de afgelopen 4 jaar, vallen onder de reikwijdte van de Wet Minimumbelasting 2024. Ook ongerealiseerde waardeveranderingen van de vastgoedportefeuille vallen onder het omzetbegrip.
De Alliantie voldoet aan de omzetgrens, waardoor de nieuwe wetgeving van toepassing is vanaf het moment van invoering. Bij de Alliantie zou dan sprake zijn van een zogenaamde binnenlandse groep. In de eerste 5 jaar is de Alliantie echter geen bijheffing verschuldigd, ongeacht de werkelijke effectieve belastingdruk, aangezien er een beroep kan worden gedaan op de transitieregels.
De fiscale consolidatiekring van de Alliantie bestaat uit rechtspersonen waarin de Alliantie een 100% belang houdt en joint-ventures in fiscaal transparante lichamen. Hierdoor zijn de transitieregels van toepassing op alle entiteiten in de fiscale consolidatiekring. Op basis van de huidige inzichten dient de Alliantie een bijheffing-informatieaangifte in te dienen over 2024 en 2025 en potentieel een belastingaangifte Wet minimumbelasting. Ingevolge de bovengenoemde transitieregels in de Wet minimumbelasting zal de eventuele binnenlandse bijheffing voor de Alliantie over 2024 en 2025 naar verwachting worden verminderd naar nihil.
Formeel heeft de Alliantie voor de boekjaren 2024 en 2025 gebruik gemaakt van de tijdelijke verplichte vrijstelling om geen latente belastingen te verwerken die verband houden met Pijler 2-winstbelastingen en heeft bovenstaand de vereiste nieuwe toelichtingen verstrekt. De Alliantie verwerkt winstbelasting in de verslagperiode waarin het verschuldigd of verrekenbaar is.
Zoals hiervoor aangegeven is de Alliantie in de eerste 5 jaar op basis van de transitieregels geen bijheffing verschuldigd en zal dit naar verwachting ook geen impact hebben op de opgenomen latente belastingposities.
10.6.19 Resultaat deelnemingen
Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar paragraaf 10.5.6 Andere deelnemingen.
10.6.20 Kasstroomoverzicht
De mutaties in balansposten zoals die blijken uit het kasstroomoverzicht wijken in enkele gevallen af van de mutaties tussen de balansen aan het begin en het einde van de periode. Dit heeft voornamelijk betrekking op de uitgaande kasstromen van nieuwbouw huur, verbeteruitgaven en ingaande financieringskasstromen.
Dit wordt veroorzaakt door de volgende boekingen:
- Geactiveerde productie;
- Geactiveerde rente;
- Nog te betalen leveranciers;
- Nog te ontvangen subsidies van overheid.
10.6.21 Transacties met verbonden partijen
Van transacties met verbonden partijen is sprake wanneer een relatie bestaat tussen de Alliantie en een natuurlijk persoon of entiteit die verbonden is met de Alliantie. Dit betreffen onder meer de relaties tussen de Alliantie en haar deelnemingen, de aandeelhouders, de bestuurders en de functionarissen op sleutelposities. Onder transacties wordt verstaan een overdracht van middelen, diensten of verplichtingen, ongeacht of er een bedrag in rekening is gebracht.
Er hebben zich geen transacties met verbonden partijen voorgedaan op niet-zakelijke grondslag.
In de normale bedrijfsactiviteiten koopt en verkoopt de Alliantie goederen en diensten van en aan joint ventures en van en aan deelnemingen waarop invloed van betekenis kan worden uitgeoefend. Deze transacties worden over het algemeen op zakelijke grondslag uitgevoerd tegen voorwaarden die vergelijkbaar zijn met die van transacties met derden.
10.6.22 Honoraria van de accountant
| 2025 | 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Controle van de jaarrekening | 652 | 627 | |||
| Andere controlewerkzaamheden | 38 | 36 | |||
| Fiscale advisering | 0 | 0 | |||
| Andere niet-controlediensten | 0 | 0 | |||
| 690 | 663 |
De in de tabel vermelde honoraria voor het onderzoek van de jaarrekening 2025 (2024) hebben betrekking op de totale honoraria voor het onderzoek van de jaarrekening 2025 (2024), ongeacht of de werkzaamheden al gedurende het boekjaar 2025 (2024) zijn verricht. Dit omvat tevens de wettelijke en niet wettelijke controle van de jaarrekening van groepsonderdelen.
De in de tabel vermelde honoraria voor andere controlewerkzaamheden 2025 (2024) hebben betrekking op de totale honoraria van de assurance-opdrachten ten aanzien van naleving van specifieke wet- en regelgeving en cijfermatige verantwoording (dVi) en de controle van subsidieverantwoordingen.
10.6.23 Gebeurtenissen na balansdatum
Na balansdatum hebben zich geen gebeurtenissen voorgedaan met belangrijke gevolgen voor zowel de financiële toestand per balansdatum, als ook de financiële toestand na balansdatum.
10.6.24 WNT-verantwoording 2025 Stichting de Alliantie
De WNT is van toepassing op Stichting de Alliantie. Het voor Stichting de Alliantie toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2025 € 246.000 zijnde het bezoldigingsmaximum voor de woningcorporaties, klasse H.
1. Bezoldiging topfunctionarissen
1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling
| Gegevens 2025 bedragen x € 1 |
Dhr. R.C. Haans | Mevr. R.M. Ritsema van Eck |
Mw. J.A.B.M. van der Burgt | Mevr. A. Oosterbaan | Dhr. K.G. Westhoff | Dhr. W. Reimerink | Mevr. F.G. Imming |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Functiegegevens | voorzitter statutaire directie | bestuurs-voorzitter / statutair directeur financiën en bedrijfsvoering* |
directeur regiobedrijf Amersfoort | directeur regiobedrijf Amsterdam | directeur regiobedrijf Almere, Gooi en Vechtstreek |
directeur vastgoed-onderhoud | directeur regiobedrijf Amersfoort |
| Aanvang en einde functievervulling in 2025 | 01/01 - 31/10 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 14/04 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 31/12 | 01/05 - 31/12 |
| Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) | 1,000 | 1,000 | 1,000 | 1,000 | 1,000 | 1,000 | 1,000 |
| Dienstbetrekking? | ja | ja | ja | ja | ja | ja | ja |
| Bezoldiging | |||||||
| Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen | 184.842 | 222.014 | 59.475 | 206.037 | 206.029 | 186.502 | 121.590 |
| Beloningen betaalbaar op termijn | 20.038 | 23.928 | 6.904 | 23.910 | 23.963 | 23.624 | 15.743 |
| Subtotaal | 204.880 | 245.942 | 66.379 | 229.947 | 229.992 | 210.126 | 137.333 |
| Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum | 204.888 | 246.000 | 70.093 | 246.000 | 246.000 | 246.000 | 165.123 |
| -/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. |
| Bezoldiging | 204.880 | 245.942 | 66.379 | 229.947 | 229.992 | 210.126 | 137.333 |
| Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. |
| Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. |
| Gegevens 2024 bedragen x € 1 |
Dhr. R.C. Haans | Mevr. R.M. Ritsema van Eck |
Mw. J.A.B.M. van der Burgt | Mevr. A. Oosterbaan | Dhr. K.G. Westhoff | Dhr. W. Reimerink |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Functiegegevens | voorzitter statutaire directie | statutair directeur financiën en bedrijfsvoering | directeur regiobedrijf Amersfoort | directeur regiobedrijf Gooi en Vechtstreek | directeur regiobedrijf Amsterdam-Almere | directeur vastgoed-onderhoud |
| Aanvang en einde functievervulling in 2024 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 31/12 |
| Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) | 1,000 | 1,000 | 1,000 | 1,000 | 1,000 | 1,000 |
| Dienstbetrekking? | ja | ja | ja | ja | ja | ja |
| Bezoldiging | ||||||
| Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen | 208.545 | 208.528 | 193.675 | 197.273 | 193.584 | 157.244 |
| Beloningen betaalbaar op termijn | 24.414 | 24.396 | 24.286 | 24.301 | 24.365 | 23.650 |
| Subtotaal | 232.959 | 232.924 | 217.961 | 221.574 | 217.949 | 180.894 |
| Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum | 233.000 | 233.000 | 233.000 | 233.000 | 233.000 | 233.000 |
| Bezoldiging | 232.959 | 232.924 | 217.961 | 221.574 | 217.949 | 180.894 |
1c. Toezichthoudende topfunctionarissen
| Gegevens 2025 bedragen x € 1 |
Dhr. A.P.W. Melkert | Dhr. P. Rutte | Mw. A.H.J.M.F. Kierkels | Mw. I.M. de Bonth-Weekhout | Mw. M. Seighali | Dhr. R Wenselaar | Mw A.I.H. van Waning | Dhr. M.J.S.A. Broos | Dhr. E.P. van Schie |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Functiegegevens | Voorzitter | Lid | Lid | Lid | Lid | Lid | Lid | Lid | Lid |
| Aanvang en einde functievervulling in 2025 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 30/04 | 01/01 - 31/03 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 31/07 | 01/04 - 31/12 | 24/09 - 31/12 | 26/11 - 31/12 |
| Bezoldiging | |||||||||
| Bezoldiging | 32.400 | 7.200 | 5.400 | 21.600 | 21.600 | 12.600 | 16.200 | 5.850 | 1.800 |
| Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum | 36.900 | 8.088 | 6.066 | 24.600 | 24.600 | 14.288 | 18.534 | 6.672 | 2.426 |
| -/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. |
| Bezoldiging | 32.400 | 7.200 | 5.400 | 21.600 | 21.600 | 12.600 | 16.200 | 5.850 | 1.800 |
| Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. |
| Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. | N.v.t. |
| Gegevens 2024 bedragen x € 1 |
Dhr. A.P.W. Melkert | Dhr. P. Rutte | Mw. A.H.J.M.F. Kierkels | Mw. I.M. de Bonth-Weekhout | Mw. M. Seighali | Dhr. R Wenselaar |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Functiegegevens | Voorzitter | Lid | Lid | Lid | Lid | Lid |
| Aanvang en einde functievervulling in 2024 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 31/12 | 01/01 - 31/12 |
| Bezoldiging | ||||||
| Bezoldiging | 32.400 | 21.600 | 21.600 | 21.600 | 21.600 | 21.600 |
| Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum | 34.950 | 23.300 | 23.300 | 23.300 | 23.300 | 23.300 |
3. Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT
Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2025 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen
10.6.25 Bezoldiging bestuurders en commissarissen
Op grond van artikel 4.2. WNT is afgezien van het opnemen in de jaarrekening van de verantwoording van de bezoldigingsinformatie op grond van artikel 2:383, eerste lid, BW.
Op grond van artikel 2:383 twee lid BW dient de volgende informatie wel te worden vermeld onder bezoldiging bestuurders en commissarissen:
In 2025 is door de Alliantie € 0 (2024: € 0) aan leningen, voorschotten en garanties verstrekt ten behoeve van bestuurders en commissarissen.